Deel 2: Gebeurt dit echt?

      Reacties uitgeschakeld voor Deel 2: Gebeurt dit echt?

Ik sleep mezelf door het gesprek met de potentiele oppas heen, samen met mijn man (de dame in kwestie was niet gevoelig voor de kwestie en stond erop dat het gesprek doorging. Uiteraard niet aangenomen).

Daarna voelt het alsof mijn hoofd ontploft. Zoveel gedachten die over elkaar heen buitelen, maar geen plek vinden. Ik kan alleen nog maar huilen. Omdat het allemaal zo plotseling en onwerkelijk is, besluiten we de volgende dag de verloskundige terug te bellen en te vragen om een toelichting van een gynaecoloog. Zo gezegd, zo gedaan. De verloskundige belooft mij dit te regelen. Ze heeft de dag ervoor al aangegeven dat een bevestiging door middel van een vruchtwaterpunctie noodzakelijk is en dat de uitslag daarvan twee weken later komt. Dat betekent dat ik nog 3 weken zou moeten wachten voordat we 100 % zekerheid hebben . Mijn man besluit dat er tot die tijd nog hoop is dat het wellicht toch nog goed zou zijn. Ik geloof daar niet in, wetende dat de nipt doorgaans 99% zekerheid geeft.

Zonder aankondiging word ik die middag gebeld door een gynaecoloog. Hij heeft het merkbaar erg druk en zit duidelijk niet te wachten op een emotioneel gesprek met een bezorgde zwangere dame. Zo goed als ik kan, probeer ik zonder voorbereiding de vragen te stellen die ik heb. Gelukkig blijkt al gauw dat de uitslag van de vruchtwaterpunctie slechts enkele dagen later zou komt. Ons wordt geadviseerd daarna te kijken hoe we om willen gaan met het eventuele duivelse dilemma waar we voor komen te staan. Ondertussen groeit het mensje in mijn buik gewoon door.

Ik besluit dat ik de reeds bestaande afspraak met de verloskundige aan het einde van die week door wil laten gaan. Manlief ziet daar het nut niet van in en was zachtgezegd niet gecharmeerd van de aanpak (een dergelijke uitslag tussen neus en lippen telefonisch, zonder enige begeleiding, doorgeven) van de verloskundigepraktijk. Ik besluit alleen te gaan. Enerzijds omdat het me passend lijkt om de uitslag nog even face-to-face te bespreken. Anderzijds wil ik heel graag het kindje nog even zien. Tijdens de echo wordt mijn vermoeden bevestigd. Er huist een klein meisje in mijn buik.